Als je rondkijkt in het christelijke landschap, is er iets wat de laatste jaren steeds meer opvalt: pijn, ontgoocheling, scheiding en twist. Het lijkt iets te zijn waar weinig kerken van gespaard kunnen blijven. Het is iets vreselijks, dat meer schade aanricht dan we vaak beseffen. Mensen die alles van zichzelf geven aan een kerk en die hopen echt door God gebruikt te worden, worden als een stuk vuil weggegooid. En achter hun rug worden ze nog eens zwart gemaakt ook. Voorgangers lijden eronder, kerkleden lijden eronder... Het is als een walgelijke ziekte die veel mensen besmet: Kwaadspreken, roddel, valse beschuldigingen,...

De zwakte van de menselijke natuur komt vaak totaal onverwacht op dramatische wijze aan de oppervlakte. Met als gevolg dat de christelijke wereld dikwijls lijkt op een veld dat bezaaid is met lijken. Hier en daar, in de mist van kritiek en veroordeling, duiken veldposten op, van waaruit wachters roepen: "Wij zijn de enige goeien! Alle anderen zijn slecht." Het zou één groot, eensgezind legerkamp moeten zijn, dat als een lichaam functioneert. Een lichaam dat elkaar dient en steunt. Een bovennatuurlijk samengehouden, krachtig en levend instrument, bruisend van liefde. De vertegenwoordiging van de almachtige God die Liefde is. Maar nu is het dikwijls een grauw gebied vol pijn, waar uitgeputte zielzorgers van het ene kamp naar het andere trekken, om verwonden te verbinden.

Deze dramatische schets geldt gelukkig niet voor alle kerken. Maar toch is het voor sommigen een bittere realiteit. Mensen die middenin een kerkscheuring zitten. Gods kinderen die aan de kant gezet werden. Christenen die hun idealen zagen vertrapt worden door een andere gelovige, die zichzelf voor een moment niet in de hand had... Pijn, scheuring, onbegrip, verwijten, hoogmoed, trots, angst, onzekerheid, leugens en onuitgesproken frustraties... We hebben er een handje van in Gods koninkrijk. Gods koninkrijk?

Laten we daar eens ernstig over nadenken. Is dat Gods koninkrijk? Heeft bijvoorbeeld kwaadspreken een plaats in het koninkrijk van Gods liefde? Is het mogelijk dat de God van liefde kinderen heeft, die elkaar verslinden als moordlustige wolven? Hoe hard het ook klinkt, de waarheid van Gods Woord is messcherp en kristalhelder: wie kwaadspreekt heeft geen deel aan het koninkrijk van God (1 Kor. 6:10). Net zo min als iemand die aan hoererij doet of steelt.

Het klinkt hard. Maar God moet soms hard zijn. Juist omdat Hij zo teder, zo genadig en zo liefdevol is. Heel zijn hart is liefde, bewogenheid en vergeving. Tegenover zij die zelf genadeloos zijn, is Hij echter keihard. Hij geeft genade, maar niet aan mensen die zelf geen genade geven. Geef genade en je ontvangt het zelf (Lukas 6:38). Speel zelf voor rechter over anderen en beschuldig hen nog eens extra zwaar... dan doet God hetzelfde met jou (Matth. 7:1). Gods Woord is helder.