De vraag wordt vaak gesteld:

Hoe kan een dienst zowel een aanbiddingdienst en laagdrempelig zijn?

Bij Saddleback geloven we dat beide mogelijk zijn zonder de een of de ander te kort te doen.

Wanneer we over aanbidding spreken, hebben we het over iets dat alleen gelovigen kunnen doen. Aanbidding gaat van gelovigen naar God. We verheerlijken de naam van God in aanbidding door uiting te geven aan onze liefde en toewijding aan Hem. Ongelovigen kunnen dit simpelweg niet doen.

Hier is een eenvoudige definitie van aanbidding die wij bij Saddleback gebruiken: "Aanbidding is onze liefde voor God uitdrukken om wie Hij is, wat Hij gezegd heeft en wat Hij doet." We geloven dat er veel geschikte manieren zijn om onze liefde voor God te uiten: door gebed, zang, gehoorzaamheid, vertrouwen, geven, getuigen, luisteren naar en reageren op zijn Woord, danken en vele andere manieren.

God – niet de mens – is de focus en het middelpunt van onze aanbidding. God is de verbruiker van aanbidding. Hoewel niet-gelovigen niet werkelijk kunnen aanbidden, kunnen ze gelovigen wel zien aanbidden. Ze zien de vreugde die wij voelen. Ze kunnen de waarde schatten die we aan Gods woord hechten en hoe we daarop reageren. Ze kunnen de antwoorden horen die de Bijbel geeft voor de problemen en vragen van het leven. Ze kunnen merken hoe aanbidding ons bemoedigt, versterkt en verandert. Ze kunnen het voelen wanneer God in een dienst bovennatuurlijk beweegt, hoewel ze niet in staat zijn het te verklaren.

Als ongelovigen oprechte aanbidding zien, wordt dat een krachtig getuigenis. In Handelingen 2 – op de Pinksterdag – was God zo duidelijk aanwezig in de aanbiddingdienst van de discipelen dat het de aandacht van niet-gelovigen in de hele stad trok!

In Handelingen 2:6 staat: "... dromden ze samen". We weten dat het hier om een grote menigte gaat, omdat er die dag 3.000 mensen gered werden. Waarom bekeerden die 3.000 mensen zich? Omdat ze aanwezigheid van God voeldenen ze de boodschap begrepen.

Ik geloof dat deze elementen allebei essentieel zijn om aanbidding een getuigenis te laten zijn. Gods aanwezigheid moet gevoeld worden in de dienst. Er zijn meer mensen voor Christus gewonnen doordat ze Gods aanwezigheid konden voelen dan door al onze apologetische argumenten tezamen.

Maar weinig mensen, als ze er al zijn, zijn bekeerd om louter intellectuele redenen. Het is het gevoel van Gods aanwezigheid dat harten doet smelten en mentale barrières doet ontploffen. Als dit er niet is, heeft aanbidding weinig evangeliserend resultaat.

Ik geloof dat er een hechte band bestaat tussen aanbidding en evangelisatie. In de eerste plaats is het doel van evangelisatie aanbidders van God voort te brengen. De Bijbel vertelt ons: "de Vader zoekt mensen die Hem zo aanbidden" (Joh. 4:23). Wanneer we aanbidders aantrekken, dan is dat evangelisatie.

Aan de andere kant zorgt aanbidding voor de motivatie voor evangelisatie. Het maakt een verlangen in ons los om anderen over Christus te vertellen. Het resultaat van Jesaja's krachtige aanbiddingervaring (Jesaja 6:1-8) was dat hij zei: "Hier ben ik, zend mij!" Waarachtige aanbidding doet ons getuigen.

In oprechte aanbidding is de aanwezigheid van God voelbaar, Gods vergeving wordt aangereikt, Gods bedoelingen worden geopenbaard en Gods kracht wordt zichtbaar. Dat lijkt mij een ideale context voor evangelisatie! Ik heb gemerkt dat niet-gelovigen ook een verlangen naar God krijgen als ze zien hoe gelovigen omgaan met God op een intelligente, oprechte manier.