Feest vieren in de Eerste Gemeente en Daarna
Er zijn geen gedetailleerde beschrijvingen van de stijl van aanbidding in de beginjaren van de Kerk. Wat we weten is afkomstig uit het boek Handelingen en uit opmerkingen die hier en daar in de geschriften van de Kerkvaders zijn gevonden. We moeten hierbij rekening houden met de tijd die de Kerk nodig had om te breken met het Judaïsme. Dit weten we.

Jezus was Joods. Zijn concept van feest vieren hebben we al besproken (Lucas 15:25). Hij wordt geassocieerd met zij die 'op de fluit speelden' zodat mensen zouden dansen en niet met zij die 'klaagliederen zongen' zodat mensen zouden huilen (Lucas 7:32-33 – een verwijzing naar de vergelijking tussen Jezus en Johannes de Doper). Het is daarom niet moeilijk voor te stellen dat Jezus deelnam aan Hebreeuwse dansen als je dit vanuit een Bijbels perspectief bekijkt.

De Eerste Gemeente functioneerde de eerste paar eeuwen als een van de bewegingen binnen het Judaïsme. Dit betekent dat de apostelen en hun volgelingen deel zouden hebben genomen aan Joodse feesten waar dansen een normaal onderdeel van was (Hand. 20:6). In de beginfase van de Christelijke Kerk stond de gepastheid van het vieren van de feesten (samen met het Joodse volk) nooit ter discussie, daarom was het ook niet nodig hier met nadruk over te schrijven. Heidenen die hun vorm van feest vieren hadden moeten opgeven om christen te worden konden meegenomen worden naar de alom bekende Joodse feesten, waarvan de historische achtergrond in overeenstemming was met de geestelijk en morele waarden waarvan ze doordrongen waren. (NIDNTT, 1, p628).

We hebben al eerder verwezen naar opmerkingen gemaakt door Clement, Bazil en Gregory. We zullen nu verwijzen naar verschillende autoriteiten om aan te geven dat er werd gedanst, niet alleen in de Eerste Gemeente, maar op sommige terreinen, tot aan de 18e eeuw.

Volgens Hastings Encyclopedie
In het vroege christendom leidde de bisschop de getrouwen in heilige dansen zowel in de kerken als voor de tombes van de martelaren. De 'Council van A.D. 692' verbood deze praktijken, maar het verbod was niet effectief.

Eeuwen later bevatte de Liturgie van Parijs de rubriek, 'le chanoine ballera au premier psaume', 'de bisschop zal tijdens de eerste psalm dansen.

Tot in de 18e eeuw werd in de Franse provincies op Heilige Feestdagen door priesters gedanst (p 361).

Scott zegt het volgende:
In de oudste Roomse kerk is het koor een soort verhoogd podium en er wordt beweerd dat de priesters daar de heilige dansen dansten (Edward Scott, Dancing in all ages, p 100).

Scaliger zegt dat de eerste bisschoppen 'praesules' werden genoemd, omdat zij van oudsher tijdens plechtige feesten voorgingen in de dans (p 100).

Father Menestrier, een Jezuïet en priester, die onderzoek heeft gedaan naar dit onderwerp, schrijft in 1682: De Goddelijke dienst bestond uit psalmen, hymnen en gezangen, omdat mannen dansend en zingend God prezen terwijl zij voorlazen vanuit wat wij nu het Oude en Nieuwe Testament noemen. De plaats waar zij deze aanbidding aan de Heer offerden werd het koor genoemd (Kinney, p 30).