Tijdens aanbidding onthult God zich aan ons, maar wij moeten ons zelf ook onthullen...
Intimiteit met God ontwikkelen.
Mijn confrontatie begon halverwege een lange reis. Samen met twee vrienden reed ik de 1600 kilometer van Kaapstad naar Johannesburg. Onderweg stopten we bij het huis van een vriend en collega. Onze vriend is voornamelijk aanbiddingsleider en liedschrijver, maar ook voorganger van een gemeente (in tegenstelling tot mijzelf, ik ben voornamelijk voorganger die wel wilde dat hij aanbiddingsleider was!). We genoten van een heerlijke barbecue in zijn tuin en naderhand pakte hij zijn gitaar en hadden we samen een tijd van aanbidding. Ik was gewend aan aanbidding met een flinke portie "proclamatie". Met andere woorden, ik was bekend met liederen en "koortjes" die inhoudelijk rijk waren en meer over God spraken dan tegen Hem. Volgens mij was er met dit begrip niks mis en ik was me dan ook nauwelijks bewust dat er iets ontbrak aan mijn aanbidding.
En toen gebeurde het. Hij zette een lied in dat mijn hele denken omvergooide. "Ik verhoog U", zei het lied opnieuw en opnieuw. Ik begon te huilen, om geen andere reden dan een diepe bewustwording dat ik door aanbidding rechtstreeks met God verbonden werd. Dit was anders. Dit was een "ik – U" gesprek tussen een gevallen mens en de bovennatuurlijke God. Ik voelde me kwetsbaar. Ik voelde me blootgesteld. Ik voelde me gekend. Ik voelde dat ik thuis was.
Kennen en gekend worden
Toen Jezus de vrouw bij de bron van Sichar ontmoette, zei Hij iets wat in één zin authentieke aanbidding samenvat. Hij zei: "Wij aanbidden, wat wij weten" (Johannes 4:22). Wij aanbidden dus een God die zich laat kennen. Een God met wie we intimiteit kunnen hebben. Het werkwoord dat hier met "kennen" wordt vertaald is het Griekse woord oida, dat betekent: "gezien of waargenomen hebben; volledige of perfecte kennis hebben van". Het is de kennis die voortkomt uit relatie en die afhankelijk is van "zelf-onthulling".
Karl Barth, de meest bekende twintigste- eeuwse theoloog, sprak over de noodzaak voor de kerk om voortdurend het "nu"-woord van God te horen; om te wachten tot God aanbidding initieert door iedere keer dat we bijeen komen, Zichzelf aan ons te openbaren zodat onze aanbidding een reactie is in plaats van een ritueel. Als we aanbidden zonder dat we weten Wie we aanbidden, dan maken we ons schuldig aan de nutteloze herhaling en leegheid van afgoderij, die van zijn eigen voorkeur een god maakt en tot zijn god spreekt zonder dat die iets terugzegt of terugdoet.
Gewoon maar moderne aanbiddingsliederen zingen in een "door de Geest geleide" omgeving garandeert geen vrijheid van rituele formaliteit. Het gebeurt veel sneller dan wij denken. Daarom vervullen aanbiddingsleiders ook zo'n essentiele rol in de moderne kerk. Een aanbiddingsleider die actief luistert naar wat God tijdens een bepaalde dienst over zichzelf wil onthullen, en die zowel Zijn Woord voor de dag als Zijn liedkeuze hoort, schept een ruimte waarin de gemeente kan groeien in intimiteit en ware kennis van God.
Ik heb een vriend die moderne aanbiddingsliederen afkeurt. Hij vindt ze sentimenteel en te veel gericht op "mij", "mijn pijn", "mijn gevoelens", enz. Voor hem begint en eindigt aanbidding met de oude hymnen en gezangen. Toen we hier kortgeleden met elkaar over spraken, liet ik hem zien dat de Psalmen van Israel veel gemeen hebben met sommige van die "sentimentele" moderne aanbiddingsliederen (lees bijvoorbeeld Psalm 42). David, de man naar Gods eigen hart, schreef Psalmen die vol staan met gepassioneerde zelf-onthulling. Hij ging zelfs zo ver dat hij iedere emotie in zijn leven, zelfs zijn onvrede met God, openbaar maakte.
pagina 2
Hoe behouden we dan intimiteit met God? De sleutels hiervoor zijn wederzijdse zelf-onthulling, gezamenlijke transparantie en vrijheid van schaamte.
Wederzijdse zelf-onthulling
Intimiteit is de meest volmaakte kennis die iemand van een ander kan hebben. Niettegenstaande ons geloof in de alwetendheid van God, is het onthutsend te realiseren dat Zijn "kennis" van ons op een bepaalde manier te maken heeft met hoeveel wij van onszelf laten zien! In de vaak geciteerde tekst uit Matteus 7:23, geeft Jezus aan dat de basis van het oordeel een gebrek is aan zelf-onthulling van onze kant naar Hem toe: "Ik heb u nooit gekend; gaat weg van Mij, gij werkers der wetteloosheid." Met andere woorden, Ik heb je nooit gekend, omdat je niet dichtbij genoeg gekomen bent. Je hebt me niet toegestaan je te kennen. Je ontweek de intimiteit waar Ik met jou naar verlangde. Dat is reden voor mijn grootste teleurstelling in jou. De basis is simpelweg zelf-openbaring, God aan ons en wij aan God.
God heeft Zichzelf aan ons geopenbaard. Toen God het verbond beloofde waaraan wij deel zouden krijgen (Jeremia 31:31-34), zei Hij dat we Hem volledig zouden kennen. "Dan zullen zij niet meer een ieder zijn naaste en een ieder zijn broeder leren: Kent de HERE: want zij allen zullen Mij kennen, van de kleinste tot de grootste onder hen, luidt het woord des HEREN." Wij benaderen de God die daar is, de God die spreekt. Hij zegt ons wie Hij is, waar Hij van houdt en wat Hij haat, wat zijn doelen inhouden, en het belangrijkste, hoe Hij ons op individuele basis liefheeft – met passie en bereid om offers te brengen. Als we de tijd nemen om naar Zijn Woord te luisteren, toont Hij ons iedere keer wat we moeten horen, en bevestigt Hij dat op andere manieren, zoals door profetie en andere charismatische gaven, "indrukken" van de Geest, dromen en visioenen. Dit gebeurt zowel op een individuele als een gezamenlijke manier.
Wij moeten ons "zelf-openbaren" aan God. Onze reacties, in de vorm van emoties die ermee gepaard gaan en woorden die aanbidding, overgave, instemming, bekering en geloof uitdrukken, zorgen ervoor dat Gods kracht onder ons wordt vrij gezet. Je kunt ervoor kiezen niet te reageren, je af te laten leiden of zelfs kritisch te zijn, en missen wat God aan het doen is. Je kunt, net als Michal, je eigen onvruchtbaarheid in de hand werken (II Samuel 6:14-23). Je kunt Gods bestraffing over je kerk uitroepen, zoals de Farizeeen deden met Jeruzalem (Lucas 19:37-44). Of je kunt Gods eigen lied en werken van bevrijding afsmeken met je extravagante respons (Sefanja 3:14-17).
Gezamenlijke transparantie
Mijn ervaring onderweg was er niet alleen een van persoonlijke intimiteit maar ook een van intimiteit met God in gemeenschap met anderen. Om in de aanwezigheid van andere macho, gesloten, westerse mannen tegen de Heer te zeggen "Ik verhoog U", "Ik houd van U", "Ik aanbid U", vereiste een bepaalde mate van kwetsbaarheid en ongemak die ik misschien niet had gehad als ik alleen was geweest. Misschien had ik zelfs al wel zulke momenten van transparantie meegemaakt toen ik onder de douche stond, zonder dat ik me daar bewust van was (kwetsbaarheid en douchen zijn synoniemen!). Maar hier werd een andere dimensie zichtbaar toen ik mijn "imago" van sterke, zekere, theologisch correcte man naar beneden liet komen en mezelf overgaf aan echtheid en huilde toen ik me in God verheugde zonder me daarbij iets aan te trekken van wat anderen dachten. Voor zover ik wist, deden zij exact hetzelfde. Zo groeiden we samen als Christenen, vrienden en medeaanbidders. Het was een moment dat ik haast niet aan anderen uit kan leggen, maar dat ons vieren die het samen deelden veranderde en hongerig maakte naar meer.
pagina 3
Vrijheid van schaamte
"En zij beiden waren naakt, de mens en zijn vrouw, maar zij schaamden zich voor elkander niet." Dit is de beschrijving van hoe het eerste huwelijk functioneerde (Genesis 2:25). Het nieuwe verbond waar we al eerder naar verwezen, baseert de mogelijkheid van het intieme kennen van een ander op vergeving. "Want Ik zal hun ongerechtigheid vergeven en hun zonde niet meer gedenken." De barriére tussen mensen en God is onze zondigheid. Die is niet alleen een belediging voor Hem, maar die verblindt en verdooft ons ook. Door onze zonde "zien wij nog door een spiegel, in raadselen". Zonde leidt ons af en maakt onze geestelijke zintuigen suf en ongevoelig. Maar zonde brengt ook schaamte in de relatie tussen Hem en ons. Toen het eerste echtpaar zondigde, bedekten ze zichzelf en verstopten ze zich. Schaamte vervreemdt ons van God, zowel emotioneel als geestelijk. Daarom is vergeving een eerste noodzakelijke vereiste voor omgang met Hem. In 1 Johannes 1:7 worden reiniging, rechtvaardigheid en relatie wederzijds oorzakelijk aan elkaar verbonden. We kunnen niet beschikken over een ervan, zonder dat de andere ook aanwezig zijn.
Een zoektocht zonder einde
Het principe dat uit de confrontatie die ik beschreef, duidelijk wordt, is heel belangrijk in mijn leven geworden. Als we tot Jezus naderen, mogen we weten dat Hij naar intimiteit met ons verlangt en dat is iets geweldigs. We zijn gemaakt om God te kennen, Hem lief te hebben en ons voor eeuwig in Hem te verheugen. We zijn gemaakt voor intimiteit met Hem. Dat is het doel van alle aanbidding. Dat moet ook het doel zijn van elke aanbiddingsleider: Gods volk naar die plaats brengen. Ik herinner aanbiddingsleiders hier voortdurend aan met uitspraken als: "Breng me daar naar toe," "Breng de mensen daar naar toe," "Geef niet op voordat we daar zijn."
Elke tijd van aanbidding heeft één gemeenschappelijk doel, namelijk intimiteit met God, hoewel dit doel nooit volledig bereikt wordt. We krijgen slechts een glimp te zien van hoeveel meer er kan zijn. Er is geen formule waarmee je het kunt bereiken. In feite is intimiteit met God nooit een prestatie, maar altijd een gave. Laten we duidelijk zijn over het persoonlijke en gezamenlijke doel van aanbidding, namelijk intimiteit met de God die we kennen en die ons kent. Als we ergens passie voor hebben, laat dat dan zijn voor het bewaren van die onmisbare intimiteit met Jezus.
Oorspronkelijke titel: Developing intimacy with God. Vertaling: Arienne Lammers © Copyright 2006. Vineyard Music E-Contact is een gratis maandelijkse uitgave van Vineyard Music Benelux. Ga voor meer Nederlandstalige artikelen naar de website van Vineyard Music (Benelux). Of stuur een e-mail naar info@vineyardmusic.nl.