In zijn prediking had Jezus één favoriet onderwerp...
Maak je klaar, want… het Koninkrijk komt eraan!
Van toen aan begon Jezus te prediken en te zeggen: Bekeert u, want het Koninkrijk der hemelen is nabijgekomen! (Mattheüs 4:17)
Heeft u zich wel eens afgevraagd waar Jezus over preekte, toen Hij nog lichamelijk op aarde leefde. De bijbel beschrijft voortdurend hoe Hij predikte in alle dorpen en steden van Israel, iedereen genas en talloze mensen bevrijdde van demonen. Maar dat prediken… waar hà d Hij het over? De Bergrede kent bijna iedereen, maar wat vertelde Jezus de mensen nog meer? Een korte speurtocht door het Nieuwe Testament laat zien dat Jezus één favoriet onderwerp had, dat later door zijn discipelen werd overgenomen: Het Koninkrijk Gods komt eraan!
Na 400 jaar profetische stilte verschijnt Johannes de Doper op het toneel. Gekleed in niet meer dan een kamelenhuid roept hij zijn boodschap tot de mensen: Bekeert u, want het Koninkrijk der hemelen is nabij gekomen. (Matheus 3:1)
Johannes de Doper wordt echter gevangengenomen door Herodus en zit nog geen dag in de cel, als Jezus het van hem overneemt en begint te preken. Het eerste wat Hij zegt, is: De tijd is vervuld en het Koninkrijk Gods is nabijgekomen. Bekeert u, en gelooft het evangelie! (Markus 1:14,15)
Vanaf dat moment is het komende koninkrijk van God zijn centrale boodschap. Overal komt het in terug; in zijn onderwijs, zijn gelijkenissen, in waarschuwingen, in wonderen en tekenen. Zelfs na zijn opstanding uit de dood praat Hij nog veertig dagen lang met zijn discipelen over alles wat het Koninkrijk betreft (Hand. 1:3). Stel je voor dat je één van Jezus' discipelen bent. Je bent teleurgesteld en in de war nu Jezus is overleden, maar ineens blijkt Hij weer te leven. Dat zou een hoop vragen losmaken! ,,Hoe was het om dood te zijn?'' ,,Wat heeft U gezien?'' ,,Hoe voelde U dat U weer ging leven?'' Maar Jezus praat alleen over dingen die Hij écht belangrijk vindt: het Koninkrijk. Hij sprak er niet zomaar over, nee, de grondtekst zegt dat Hij het proclameerde, zoals een heraut een belangrijke boodschap rondbazuinde. En zijn woorden hebben gezag: ,,Deze man weet waar Hij het over heeft. Deze kennis heeft Hij niet uit een boekje!'' concluderen de mensen die Hem horen spreken in de synagoge (Markus 1:22). Nog meer raken ze onder de indruk als blijkt dat Jezus ook gezag heeft over boze geesten. ,,Dit is een nieuwe leer met gezag!''concluderen ze.
Een eerlijke kans
Overal waar Jezus spreekt over het koninkrijk van God, doet Hij genezingswonderen. Blinden, die nog nooit een dag hebben kunnen zien, kunnen ineens zien hoe mooi God de bloemen heeft geschapen en hoe groot de bomen zijn. Lammen, die zich door bedelarij in leven moesten houden, gaan nu dansend over straat vanwege Gods goedheid. Doven horen ineens de stemmen van mensen om zich heen en melaatsen, die jarenlang verstoten waren uit de samenleving, worden weer hartelijk opgenomen in de gemeenschap. Vervolgens geeft Jezus zijn discipelen de opdracht om hetzelfde te doen als Hij. Eerst zegt Hij het tegen de kleine groep van twaalf: Gaat en predikt en zegt: het Koninkrijk der hemelen is nabijgekomen. Geneest zieken, wekt doden op, reinigt melaatsen, drijft boze geesten uit. (Matt. 10:7)
Later geeft Hij dezelfde opdracht aan nog eens zeventig leerlingen: Geneest de zieken die er zijn, en zegt tot hen: het Koninkrijk van God is nabij u gekomen. (Lucas 10:9) Via hen geeft Hij ook óns die grote opdracht: ,,Leer aan iedereen alles wat jullie zelf hebben geleerd en zorg dat zij het weer aan anderen doorvertellen!'' (Matth. 28:19)
pagina 2
Een eerste conclusie die we kunnen trekken, is dat als Gods heerschappij nog kómt, er dan op dÃt moment nog een ander aan de macht is. Dat is het rijk van duisternis, satans heerschappij. We zien die heerschappij dagelijks op vele manieren om ons heen.
Juist daarom vindt Jezus het belangrijk dat iedereen de boodschap van Gods komende koninkrijk hoort. Daarbij is Hij realistisch: ,,Er zullen mensen zijn die niet naar je willen luisteren. Laat die dan maar in hun eigen sop gaarkoken. Schudt het stof van hun stad, dat aan je voeten kleeft, tegen hen af. Maar zorg dat ze in élk geval weten, dat het Koninkrijk Gods is nabijgekomen!'' (Zie Lucas 10:10,11) Niemand mag kunnen zeggen: ,,Ik wist het niet.'' Iedereen moet de kans krijgen zich voor te bereiden op het komende koninkrijk en zich kunnen bekeren!
Wat is het Koninkrijk?
De eerste christenen kregen het al snel aan de stok met de Romeinen, doordat ze spraken over een andere koning dan de keizer. Ook in onze tijd is het in China strikt verboden om te prediken over het Koninkrijk van God. Blijkbaar gaat het om iets fundamenteels! Het Griekse woord dat is vertaald met 'koninkrijk', schept verwarring. Een betere vertaling is 'koningschap' of 'heerschappij'. Jezus zegt in Lukas 17:20,21: Het Koninkrijk Gods komt niet zó dat het te berekenen is; ook zal men niet zeggen: zie, hier is het of daar! Gods Koninkrijk wordt niet gekenmerkt of afgebakend door geografische grenzen of aardse tijd, maar door Gods heerschappij. In Gods Koninkrijk regeert de Messias en daar gelden zijn wetten. Er komt een eind aan de heerschappij van de duisternis. Niet langer gelden de wetten van de zonde en van de wereld, die je voorschrijven dat je moet meedoen met de massa, dat vrije seks de norm is en dat liegen een groot goed is. Nee, de Koning heerst met gerechtigheid (zie o.a. Psalm 93 – 102)
Wat houdt het Koninkrijk van God verder in? Jezus spreekt over mensen die wel of niet binnengaan in het Koninkrijk. Hij roept mensen voortdurend op waakzaam te zijn en zich voor te bereiden op de komst van het Koninkrijk, dat komt als een dief in de nacht. Maar hoewel Hij er veel over spreekt, vertelt Hij nauwelijks inhoudelijk hoe het Koninkrijk er uit ziet.
Toch begreep iedereen waar Hij het over had. Het Koninkrijk van God was een bekend onderdeel van het Joodse denken en hing samen met de komst van de koning. Deze door God beloofde koning was de gezalfde, de Messias, die zou afstammen van de troon van koning David. In zijn Messiaanse rijk zou geen ziekte meer bestaan, geen dood of rouw. Niemand zou depressief of doelloos thuiszitten of worden weggepest op school. Geen kind zou worden verkracht of in de steek gelaten. Geen mens zou honger lijden. Er zouden alleen nog gelukkige huwelijken zijn en vriendelijke buren. Het zou afgelopen zijn met de onrechtvaardige rechtspraak en het machtsmisbruik door leiders. De Messias zou regeren! Er zou vrede heersen, echte shalom!
Vanuit het Oude Testament wisten de Joden wat deze Messias-koning zou kenmerken: Hij zou zieken genezen, gebondenen bevrijden en doden opwekken. Daarom zegt Jezus ook: ,,Als jullie niet geloven wat Ik zeg, geloof me dan om de dingen die Ik doe.'' (Joh. 10:38). Enerzijds is het Koninkrijk van God door deze dingen al gedeeltelijk gekomen, maar de echte volledige heerschappij van God moet komen, bij de wederkomst van Jezus (Zie Lucas 11:20)
Sommige Joden geloofden daarom dat Jezus deze Messias was, maar dachten dat Hij hen zou bevrijden van de Romeinse overheersers. Maar Jezus' koninkrijk is niet van deze wereld, zei Hij, en iedere keer dat de mensen probeerden Hem met dwang koning te maken, ontglipte Hij. Toch is Hij wel degelijk de beloofde koning en dat is dan ook wat de apostelen overal verkondigen:
…Filippus, die het evangelie van het Koninkrijk Gods en van de naam van Jezus Christus predikte… (Handelingen 8:12)
pagina 3
En nadat zij een dag met hem hadden afgesproken, kwamen verscheidenen tot hem in zijn verblijf, wie hij met nadruk het Koninkrijk Gods voorstelde, pogende hen te overtuigen ten opzichte van Jezus, uit de wet van Mozes en de profeten, van de vroege morgen tot de avond toe. … predikende het Koninkrijk Gods, en onderricht gevende aangaande de Here Jezus Christus met alle vrijmoedigheid, zonder enige belemmering. (Handelingen 28:23,31)
Het binnengaan van Gods Koninkrijk – nu al gedeeltelijk, door zijn heerschappij over ons leven, en straks volledig, bij de wederkomst van de Messias Jezus – hangt samen met het erkennen van de Koning. Erkennen wij zijn koninklijke heerschappij op alle gebieden van ons leven?
Goed nieuws of …?
Toen Jezus zei dat het Koninkrijk 'nabij' was gekomen, zei Hij letterlijk 'naderbij', oftewel: het staat voor de deur. Dat is nog eens goed nieuws! Er is hoop voor de mensen die nu denken geen hoop meer te hebben. Het einde van alle leed is in zicht, dus hou vol! Nog eventjes maar…! Toen Jezus zijn discipelen de opdracht gaf alle mensen te leren hetzelfde te doen als zij zelf hadden geleerd, doelde Hij ook op het verkondigen van het komende Koninkrijk. Die opdracht geldt dus ook voor ons. We brengen goed nieuws, waarmee we mensen mogen bemoedigen. Als het koninkrijk komt, dan wordt het eindoordeel over al het kwaad geveld!
Tegelijkertijd hangt deze boodschap daarom altijd samen met de oproep tot bekering. Alles wat niet in het Koninkrijk thuishoort, zoals ziekte en lijden, komt er niet binnen, maar ook sommige mensen horen er niet thuis: Mensen die vrije sex voorstaan, afgoden dienen, overspel plegen of zich met homoseksuele praktijk inlaten, blijven buiten het Koninkrijk van God. Dat geldt ook voor dieven, gierigaards, dronkaards, roddelaars en oplichters (1 Kor. 6:10, Het Boek), mensen wiens gerechtigheid niet groter is dan die van de farizeeers (Matth. 5:20), of die niet wedergeboren zijn, of mensen die zich helemaal storten in de lusten van het vlees, zoals nijd (1 Kor.15:50). Deze mensen zullen het Koninkrijk van God niét binnengaan, sterker nog: dat willen ze niet. Toch wil God graag dat zij zich bekeren (Ez. 18:23) en gered worden. Tot het moment dat de laatste mens een kans heeft gehad om het evangelie van het Koninkrijk Gods te horen, wacht God daarom met de terugkeer van zijn Zoon Jezus, de Messias-koning: En dit evangelie van het Koninkrijk zal in de gehele wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken, en dan zal het einde gekomen zijn (Mattheüs 24:14).
Veranderd voor het leven
Het Koninkrijk van God verandert ons leven. Voor Jezus was het komende Koninkrijk het belangrijkste onderwerp van zijn prediking. Misschien is het een goed idee om nog eens de evangelien door te lezen, met die wetenschap in ons achterhoofd. Jezus wil dat het Koninkrijk van God zó in ons leeft, dat het ook dóór ons leeft en ons doen beïnvloedt. Het moet ons aansporen te blijven waken en bidden, maar ook om actief te bidden voor de komst van Gods Koninkrijk. Laat het ons aansporen tot evangelisatie, op welke manier dan ook. Laten we er inspiratie uit putten om anderen te bemoedigen en de dingen van ons leven in een ander perspectief te zien. Net als Jezus moeten we niet spreken als een schriftgeleerde, maar vanuit de intimiteit met God de Vader. Bovendien kan Hij alleen ons de kracht geven om zijn woord kracht bij te zetten: het genezen van zieken, uitdrijven van boze geesten, reinigen van melaatsen en opwekken van doden. Wat een geweldig Evangelie!
pagina 4
Uw Koninkrijk kome!
Mattheüs 19:24 Wederom zeg Ik u, het is gemakkelijker, dat een kameel gaat door het oog van een naald dan dat een rijke het Koninkrijk Gods binnengaat.
Mattheüs 21:31 Voorwaar, Ik zeg u, de tollenaars en de hoeren gaan u voor in het Koninkrijk Gods.
Marcus 9:47 Het is beter, dat gij met een oog het Koninkrijk Gods binnengaat, dan dat gij met twee ogen in de hel geworpen wordt,
Marcus 10:23 En Jezus, rondziende, zeide tot zijn discipelen: Hoe moeilijk zullen zij, die geld hebben, het Koninkrijk Gods binnengaan.
Lucas 8:1 En het geschiedde kort daarna, dat Hij van stad tot stad en van dorp tot dorp trok, verkondigende het evangelie van het Koninkrijk Gods, en de twaalven met Hem,
Lucas 9:2 En Hij zond hen uit om het Koninkrijk Gods te verkondigen en genezingen te doen,
Lucas 9:11 Hij ontving hen en sprak tot hen over het Koninkrijk Gods, en die genezing van
Mattheüs 7:21 Niet een ieder, die tot Mij zegt: Here, Here, zal het Koninkrijk der hemelen binnengaan, maar wie doet de wil mijns Vaders, die in de hemelen is.
Mattheüs 13:24 Nog een gelijkenis hield Hij hun voor en Hij zeide: Het Koninkrijk der hemelen komt overeen met iemand, die goed zaad gezaaid had in zijn akker.
Mattheüs 13:31 Nog een gelijkenis hield Hij hun voor en Hij zeide: Het Koninkrijk der hemelen is gelijk aan een mosterdzaadje, dat iemand nam en in zijn akker zaaide.
Mattheüs 13:33 Nog een gelijkenis sprak Hij tot hen: Het Koninkrijk der hemelen is gelijk aan een zuurdesem, welke een vrouw nam en in drie maten meel deed, totdat het geheel doorzuurd was.
Mattheüs 13:44 Het Koninkrijk der hemelen is gelijk aan een schat, verborgen in een akker, die een mens ontdekte en verborg, en in zijn blijdschap erover gaat hij heen en verkoopt al wat hij heeft en koopt die akker.
Mattheüs 13:45 Evenzo is het Koninkrijk der hemelen gelijk aan een koopman, die schone parelen zocht.
Mattheüs 13:47 Evenzo is het Koninkrijk der hemelen gelijk aan een sleepnet, neergelaten in de zee, dat allerlei bijeenbrengt.
Mattheüs 18:23 Daarom is het Koninkrijk der hemelen te vergelijken met een koning, die afrekening wilde houden met zijn slaven.
Mattheüs 22:2 Het Koninkrijk der hemelen is gelijk aan een koning, die voor zijn zoon een bruiloft aanrichtte.
Mattheüs 25:1 Dan zal het Koninkrijk der hemelen vergeleken worden met tien maagden, die haar lampen namen en uittrokken, de bruidegom tegemoet.
Marcus 10:24 Jezus antwoordde weder en zeide tot hen: Kinderen, hoe moeilijk is het het Koninkrijk Gods binnen te gaan.
Lucas 9:2 En Hij zond hen uit om het Koninkrijk Gods te verkondigen en genezingen te doen,
Lucas 11:2 Wanneer gij bidt, zegt: Vader, uw naam worde geheiligd; uw Koninkrijk kome;
Lucas 12:31 Maar zoekt zijn Koninkrijk, en die dingen zullen u bovendien geschonken worden.
Lucas 12:32 Wees niet bevreesd, gij klein kuddeke! Want het heeft uw Vader behaagd u het Koninkrijk te geven.
Lucas 22:29 En Ik beschik u het Koninkrijk, gelijk mijn Vader het Mij beschikt heeft,
Johannes 3:3 Jezus antwoordde en zeide tot hem: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, tenzij iemand wederom geboren wordt, kan hij het Koninkrijk Gods niet zien.
1 Corinthiers 4:20 Want het Koninkrijk Gods bestaat niet in woorden, maar in kracht.
1 Corinthiers 6:9 Of weet gij niet, dat onrechtvaardigen het Koninkrijk Gods niet beerven zullen?
Galaten 5:21 nijd, dronkenschap, brasserijen en dergelijke, waarvoor ik u waarschuw, zoals ik u gewaarschuwd heb, dat wie dergelijke dingen bedrijven, het Koninkrijk Gods niet zullen beerven.
Kolossensen 1:13 Hij heeft ons verlost uit de macht der duisternis en overgebracht in het Koninkrijk van de Zoon zijner liefde,
Jakobus 2:5 Hoort, mijn geliefde broeders! Heeft God niet de armen naar de wereld uitverkoren om rijk te zijn in het geloof en erfgenamen van het Koninkrijk, dat Hij beloofd heeft aan wie Hem liefhebben?
Bron: Derek Prince Ministries; voor verdere info op het web ga naar: www.herstelteam.nl