Onder invloed van de Geest.
- door philip troost
- gepubliceerd 20/12/2005
- toewijding aan God
-
beoordeling:




philip troost
Na eerst als gemeentepredikant te hebben gewerkt in Driebergen is de vrijgemaakt-gereformeerde dominee Ph. Troost nu studentenpastor in Zwolle. In zijn werk onder jongeren die vaak met identiteitsvragen rondlopen, vindt hij het belangrijk te laten zien hoe geloof en je identiteit als mens alles met elkaar te maken hebben.
bekijk alle artikelen van philip troostOnder invloed van de Geest.
Alcohol en Geest, van allebei kun je onder invloed raken
Eigenlijk is het merkwaardig, dat wanneer de Bijbel in Efeziers 5:18 oproept ons te laten vervullen met de Geest, dit daar in contrast staat met te veel drinken. Deze tegenstelling komt ook voor in het pinksterverhaal: de vervulling met de Geest van de discipelen maakt op omstanders de indruk dat ze dronken zijn. Van Johannes de Doper lezen we vervolgens dat hij geen wijn en sterke drank zal drinken maar vervuld wordt met de Heilige Geest. De min of meer merkwaardige vergelijking heeft alleen zeggingskracht als er behalve een tegenstelling ook een overeenkomst is tussen alcohol en de Geest. Alcohol en Geest: van allebei kun je onder invloed komen.
Een belangrijk woord bij Pinksteren is overvloed. De Heilige Geest kwam niet maar mondjes- maat, maar werd uitgestort. Geen druppeltjes of straaltjes, maar strómen van levend water. Die overvloed mag je dan ook verwachten in de gemeente van Christus. Een werkelijk vol zijn van Gods Geest. En als Paulus mensen die al christen zijn, die de Geest dus al hebben, - want hoe anders zouden ze kunnen geloven? - oproept vervuld te worden met de Geest, is dat kennelijk toch iets anders of iets meer dan alleen dat je gelooft. Om precies deze reden wordt de vervulling met de Geest dan ook vaak gezien als een tweede fase. Eerst kom je tot geloof, door een eerste werking van de Geest, en op een later tijdstip, na een proces van geloofsgroei, komt er een moment dat de volheid van de Geest in je wordt uitgestort. Pas dan wordt ook die overvloed van Pinksteren zichtbaar, waarbij men dan vooral denkt aan geestesgaven als tongentaal, gaven van genezing, uitdrijving van demonen en andere.
Laat ik meteen zeggen dat ik zonder meer opensta voor deze bijzondere gaven. Ik kan geen enkel overtuigend argument bedenken waarom God deze bijbelse gaven vandaag niet zou kunnen geven. Toch heb ik nogal moeite met dat idee van twee fasen. Want de Geest is toch niet een hoeveelheid energie, die kan worden opgedeeld in stukjes: eerst een beetje en dan later meer. De Geest is een persóón! En een persoon is er of is er niet. Sinds Pinksteren is God 'inwezig' door zijn Geest in ieder die gelooft (Efeziers 1:13).
Onder invloed
Het gaat bij die vervulling dus niet om iets krijgen dat je nog niet hebt. Waarom het wél gaat wordt helder vanuit die vergelijking met alcohol: "Bedrinkt u niet aan de wijn, maar wordt vervuld met de Geest". Alcohol en de Geest, bij allebei kun je er van 'onder invloed' raken. Zodat je er door wordt beheerst. Dat je eigen wil er niet meer tegenop kan. Dat je zelf het stuur kwijt raakt. Vervuld worden met de Geest, is dan ook niet dat je steeds meer van die Geest te pakken moet krijgen, maar dat je je steeds meer door Hem moet laten beheersen. Steeds meer onder invloed van Hem raken. Steeds meer je eigen wil overgeven aan Zijn leiding. Ik zeg expres: steeds meer. Want de werkwoordsvorm 'wordt vervuld' betekent letterlijk vertaald: laat je voortdurend vervullen. Het is niet een eenmalige gebeurtenis ergens halverwege het christenleven, maar een permanent gebeuren van steeds verdere groei en rijping. Dat die overvloed van Pinksteren héél je geloofsleven kleurt, daar gaat het om.
Met je hoofd erbij
Waaraan herken je dan die overvloed van het vol zijn met Gods Geest? Moet ik denken aan bovennatuurlijke zaken? Of aan allerlei vormen van extatische verrukking en ongeremde uitingen als lachen, brullen of vallen in de Geest? Vanuit die vergelijking met alcohol zou je dit kunnen denken. Toch is het opvallend dat vooraf aan die oproep in Efeziers 5 om vervuld te worden met de Geest, oproepen staan die juist het tegenovergestelde zijn van 'je laten gaan': "Zie nauwlettend toe hoe je wandelt; gedraag je niet als een onwijze, maar als een wijze; wees niet onverstandig, maar probeer Gods wil te verstaan" (vers 15-17).
Naast de overeenkomst tussen alcohol en de Geest, het onder invloed raken, zie je hier nu ook de tegenstelling: 'In wijn is bandeloosheid', zegt Paulus erbij. De rem gaat eraf en je leeft jezelf uit. Hoe meer iemand onder invloed van drank komt, des te meer raakt hij het contact met de omgeving kwijt. Een drinkebroer wordt steeds zieliger en gênanter in zijn zelfgerichtheid. Maar met het onder invloed komen van de Geest is het precies andersom: je raakt steeds meer op je omgeving gericht. De oproep is dan ook niet: laat je gaan in de Geest, maar wordt met Hem vervuld!
Eigenlijk is het merkwaardig, dat wanneer de Bijbel in Efeziers 5:18 oproept ons te laten vervullen met de Geest, dit daar in contrast staat met te veel drinken. Deze tegenstelling komt ook voor in het pinksterverhaal: de vervulling met de Geest van de discipelen maakt op omstanders de indruk dat ze dronken zijn. Van Johannes de Doper lezen we vervolgens dat hij geen wijn en sterke drank zal drinken maar vervuld wordt met de Heilige Geest. De min of meer merkwaardige vergelijking heeft alleen zeggingskracht als er behalve een tegenstelling ook een overeenkomst is tussen alcohol en de Geest. Alcohol en Geest: van allebei kun je onder invloed komen.
Een belangrijk woord bij Pinksteren is overvloed. De Heilige Geest kwam niet maar mondjes- maat, maar werd uitgestort. Geen druppeltjes of straaltjes, maar strómen van levend water. Die overvloed mag je dan ook verwachten in de gemeente van Christus. Een werkelijk vol zijn van Gods Geest. En als Paulus mensen die al christen zijn, die de Geest dus al hebben, - want hoe anders zouden ze kunnen geloven? - oproept vervuld te worden met de Geest, is dat kennelijk toch iets anders of iets meer dan alleen dat je gelooft. Om precies deze reden wordt de vervulling met de Geest dan ook vaak gezien als een tweede fase. Eerst kom je tot geloof, door een eerste werking van de Geest, en op een later tijdstip, na een proces van geloofsgroei, komt er een moment dat de volheid van de Geest in je wordt uitgestort. Pas dan wordt ook die overvloed van Pinksteren zichtbaar, waarbij men dan vooral denkt aan geestesgaven als tongentaal, gaven van genezing, uitdrijving van demonen en andere.
Laat ik meteen zeggen dat ik zonder meer opensta voor deze bijzondere gaven. Ik kan geen enkel overtuigend argument bedenken waarom God deze bijbelse gaven vandaag niet zou kunnen geven. Toch heb ik nogal moeite met dat idee van twee fasen. Want de Geest is toch niet een hoeveelheid energie, die kan worden opgedeeld in stukjes: eerst een beetje en dan later meer. De Geest is een persóón! En een persoon is er of is er niet. Sinds Pinksteren is God 'inwezig' door zijn Geest in ieder die gelooft (Efeziers 1:13).
Onder invloed
Het gaat bij die vervulling dus niet om iets krijgen dat je nog niet hebt. Waarom het wél gaat wordt helder vanuit die vergelijking met alcohol: "Bedrinkt u niet aan de wijn, maar wordt vervuld met de Geest". Alcohol en de Geest, bij allebei kun je er van 'onder invloed' raken. Zodat je er door wordt beheerst. Dat je eigen wil er niet meer tegenop kan. Dat je zelf het stuur kwijt raakt. Vervuld worden met de Geest, is dan ook niet dat je steeds meer van die Geest te pakken moet krijgen, maar dat je je steeds meer door Hem moet laten beheersen. Steeds meer onder invloed van Hem raken. Steeds meer je eigen wil overgeven aan Zijn leiding. Ik zeg expres: steeds meer. Want de werkwoordsvorm 'wordt vervuld' betekent letterlijk vertaald: laat je voortdurend vervullen. Het is niet een eenmalige gebeurtenis ergens halverwege het christenleven, maar een permanent gebeuren van steeds verdere groei en rijping. Dat die overvloed van Pinksteren héél je geloofsleven kleurt, daar gaat het om.
Met je hoofd erbij
Waaraan herken je dan die overvloed van het vol zijn met Gods Geest? Moet ik denken aan bovennatuurlijke zaken? Of aan allerlei vormen van extatische verrukking en ongeremde uitingen als lachen, brullen of vallen in de Geest? Vanuit die vergelijking met alcohol zou je dit kunnen denken. Toch is het opvallend dat vooraf aan die oproep in Efeziers 5 om vervuld te worden met de Geest, oproepen staan die juist het tegenovergestelde zijn van 'je laten gaan': "Zie nauwlettend toe hoe je wandelt; gedraag je niet als een onwijze, maar als een wijze; wees niet onverstandig, maar probeer Gods wil te verstaan" (vers 15-17).
Naast de overeenkomst tussen alcohol en de Geest, het onder invloed raken, zie je hier nu ook de tegenstelling: 'In wijn is bandeloosheid', zegt Paulus erbij. De rem gaat eraf en je leeft jezelf uit. Hoe meer iemand onder invloed van drank komt, des te meer raakt hij het contact met de omgeving kwijt. Een drinkebroer wordt steeds zieliger en gênanter in zijn zelfgerichtheid. Maar met het onder invloed komen van de Geest is het precies andersom: je raakt steeds meer op je omgeving gericht. De oproep is dan ook niet: laat je gaan in de Geest, maar wordt met Hem vervuld!
Reacties
Reactie #1 (Geplaatst door een onbekende gebruiker)
beoordeling:








Een helder, en evenwichtig artikel!