De negrospiritual en de hoop die dieper gaat dan de wanhoop
- door marleen hengelaar-rookmaaker
- gepubliceerd 26/11/2005
- liederen schrijven
-
beoordeling:




marleen hengelaar-rookmaaker
Drs. Marleen Hengelaar-Rookmaaker studeerde muziekwetenschap en werkt als redacteur bij l'Abri en GROEI.
bekijk alle artikelen van marleen hengelaar-rookmaakerDe negrospiritual en de hoop die dieper gaat dan de wanhoop.
Blijdschap heeft het laatste woord
De negrospirituals geven ons een kijkje in het hart van de Amerikaanse negers die zich staande moesten zien te houden in vaak zeer moeilijke levensomstandigheden. Eerst waren ze de slaven van de blanke plantagehouders, na 1865 moesten ze zien een eigen bestaan op te bouwen zonder dat hun daarbij de helpende hand geboden werd. Integendeel. Het is zeer opmerkelijk dat de spirituals geen sombere smartlappen zijn, en ook geen lichte opgewekte deuntjes die krampachtig proberen 'to keep on smiling'. Het zijn daarentegen juist krachtige liederen vol geloof en hoop en zelfs vol blijdschap.
Zouden wij ook zulke liederen maken en zingen als we in dergelijke omstandigheden verkeerden? Blijkbaar hadden de makers van de spirituals iets dat wij maar al te vaak verloren hebben. We zullen hier aan de hand van een aantal spiritualteksten op zoek gaan naar het geheim achter het lied van de Amerikaanse neger.
De teksten maken gebruik van een direct en ongekunsteld taalgebruik. Ze zijn van een kinderlijke eenvoud, maar daarom zeker niet kinderachtig. Wat opvalt is juist dat ze met een paar woorden zulke diepe dingen kunnen zeggen en met een paar pennenstreken hele ervaringswerelden weten bloot te leggen. Zo zingt een bekende spiritual:
Nobody knows the trouble I have seen
Nobody knows but Jesus
Nobody knows the trouble I have seen
Glory, hallelujah!
(Niemand weet hoeveel ellende ik heb meegemaakt, niemand behalve Jezus, glorie, halleluja.)
Opvallend is dat de ellende hier niet wordt weggestopt. Het is niet: ik ben christen, dus ik ben blij, blij, blij. Er is geen geforceerde glimlach, maar wel eindigt het lied met 'glorie, halleluja'. Want Jezus kent mijn nood en Hij draagt mij. Deze tweeslag van het bezingen van het menselijk lijden enerzijds en van Gods trouw en nabijheid anderzijds is dé dragende pijler onder vrijwel alle negrospirituals. Pijn en verdriet worden onomwonden beschreven, zoals in de regel 'Sometimes I feel like a motherless child' (soms voel ik me als een kind zonder moeder). Wat een ervaringsdiepte ligt daar niet achter. Of als in het volgende refrein van Down on me:
Down on me, down on me
Looks like everybody in this whole world is down on me
(Het lijkt erop alsof iedereen in deze wereld tegen me is)
Het laatste couplet klinkt dan echter weer als volgt:
God is God, God is God, rain is rain,
God's a man don't ever change
Looks like everbody in this whole round world down on me
(God is God, regen is regen (een positief beeld voor Afrikanen), God is een persoon die nooit verandert, het lijkt erop of iedereen in de hele wereld tegen me is.)
Hier zien we weer dat uit Gods onverandelijke trouw de kracht wordt geput om door te gaan. Hierbij worden ook vaak oudtestamentische verhalen over Gods bevrijdend handelen aangehaald, zoals die van Daniel in de leeuwenkuil, Jona in de walvis en de uittocht uit Egypte. Vooral de geschiedenis van Israels bevrijding uit de slavernij van Egypte was voor hen van grote betekenis. Het moet hen bemoedigd hebben om in hun eigen slavernij de hoop niet op te geven. Hier volgen het refrein en een paar (van de vele) coupletten van een lied dat daarover handelt:
Go down, Moses, way down in Egypt land
Tell old Pharaoh to let My people go
When Israel was in Egypt land
Let My people go
Oppressed so hard they could not stand
Let My people go
No more shall they in bondage toil
Let them come out with Egypt's spoil
(Ga naar Egypte, Mozes, en zeg farao dat hij Mijn volk moet laten gaan; Toen Israel in Egypte was, werden ze zo verdrukt dat ze het niet meer volhielden, laat Mijn volk gaan; Ze zullen niet meer in gevangenschap zwoegen, laten ze eruit komen met wat ze buit hebben gemaakt op de Egyptenaren, laat Mijn volk gaan.)
De negrospirituals geven ons een kijkje in het hart van de Amerikaanse negers die zich staande moesten zien te houden in vaak zeer moeilijke levensomstandigheden. Eerst waren ze de slaven van de blanke plantagehouders, na 1865 moesten ze zien een eigen bestaan op te bouwen zonder dat hun daarbij de helpende hand geboden werd. Integendeel. Het is zeer opmerkelijk dat de spirituals geen sombere smartlappen zijn, en ook geen lichte opgewekte deuntjes die krampachtig proberen 'to keep on smiling'. Het zijn daarentegen juist krachtige liederen vol geloof en hoop en zelfs vol blijdschap.
Zouden wij ook zulke liederen maken en zingen als we in dergelijke omstandigheden verkeerden? Blijkbaar hadden de makers van de spirituals iets dat wij maar al te vaak verloren hebben. We zullen hier aan de hand van een aantal spiritualteksten op zoek gaan naar het geheim achter het lied van de Amerikaanse neger.
De teksten maken gebruik van een direct en ongekunsteld taalgebruik. Ze zijn van een kinderlijke eenvoud, maar daarom zeker niet kinderachtig. Wat opvalt is juist dat ze met een paar woorden zulke diepe dingen kunnen zeggen en met een paar pennenstreken hele ervaringswerelden weten bloot te leggen. Zo zingt een bekende spiritual:
Nobody knows the trouble I have seen
Nobody knows but Jesus
Nobody knows the trouble I have seen
Glory, hallelujah!
(Niemand weet hoeveel ellende ik heb meegemaakt, niemand behalve Jezus, glorie, halleluja.)
Opvallend is dat de ellende hier niet wordt weggestopt. Het is niet: ik ben christen, dus ik ben blij, blij, blij. Er is geen geforceerde glimlach, maar wel eindigt het lied met 'glorie, halleluja'. Want Jezus kent mijn nood en Hij draagt mij. Deze tweeslag van het bezingen van het menselijk lijden enerzijds en van Gods trouw en nabijheid anderzijds is dé dragende pijler onder vrijwel alle negrospirituals. Pijn en verdriet worden onomwonden beschreven, zoals in de regel 'Sometimes I feel like a motherless child' (soms voel ik me als een kind zonder moeder). Wat een ervaringsdiepte ligt daar niet achter. Of als in het volgende refrein van Down on me:
Down on me, down on me
Looks like everybody in this whole world is down on me
(Het lijkt erop alsof iedereen in deze wereld tegen me is)
Het laatste couplet klinkt dan echter weer als volgt:
God is God, God is God, rain is rain,
God's a man don't ever change
Looks like everbody in this whole round world down on me
(God is God, regen is regen (een positief beeld voor Afrikanen), God is een persoon die nooit verandert, het lijkt erop of iedereen in de hele wereld tegen me is.)
Hier zien we weer dat uit Gods onverandelijke trouw de kracht wordt geput om door te gaan. Hierbij worden ook vaak oudtestamentische verhalen over Gods bevrijdend handelen aangehaald, zoals die van Daniel in de leeuwenkuil, Jona in de walvis en de uittocht uit Egypte. Vooral de geschiedenis van Israels bevrijding uit de slavernij van Egypte was voor hen van grote betekenis. Het moet hen bemoedigd hebben om in hun eigen slavernij de hoop niet op te geven. Hier volgen het refrein en een paar (van de vele) coupletten van een lied dat daarover handelt:
Go down, Moses, way down in Egypt land
Tell old Pharaoh to let My people go
When Israel was in Egypt land
Let My people go
Oppressed so hard they could not stand
Let My people go
No more shall they in bondage toil
Let them come out with Egypt's spoil
(Ga naar Egypte, Mozes, en zeg farao dat hij Mijn volk moet laten gaan; Toen Israel in Egypte was, werden ze zo verdrukt dat ze het niet meer volhielden, laat Mijn volk gaan; Ze zullen niet meer in gevangenschap zwoegen, laten ze eruit komen met wat ze buit hebben gemaakt op de Egyptenaren, laat Mijn volk gaan.)
Reacties
Reactie #1 (Geplaatst door een onbekende gebruiker)
beoordeling:








het gaat teveel over teksten en leidren, ik moet het meer over de negrospiritual zelf hebben.
Reactie #2 (Geplaatst door Derk)
beoordeling:








Die 'chariot' verwijst niet naar Elia, maar naar een clandestiene vluchtroute via karren naar vrije staten. Bijbelse begrippen (beloofde land, Jordaan) werden als codewoorden gebruikt voor verzet.